Diamonds

⌘K
  1. Home
  2. /
  3. Docs
  4. /
  5. Diamonds
  6. /
  7. Werkomgeving
  8. /
  9. Raster instellingen

Raster instellingen

Om de invoersnelheid te verhogen, kun je een raster gebruiken. Wanneer het raster actief is, springt de cursor automatisch naar punten op het raster.
Om het raster te configureren:

  • Klik op de knop , dubbelklik in het tekengebied van Diamonds of ga naar het menu “Beeld – Rasterinstellingen…”. Dit dialoogvenster verschijnt:

Algemeen raster

  • Het raster kan aan of uit worden gezet.
    Als je dit inschakelt, zal Diamonds zich tijdens het tekenen aanpassen aan het raster.
  • Het raster kan zichtbaar of onzichtbaar worden gemaakt.
  • Voer de afstand van het raster in elke richting in.
    Stel de afstand niet te klein in (= <5 cm), want dit leidt vaak tot modellen die te gedetailleerd zijn.
    Ook al is er een grove rasterstap gekozen, kan je de lengte van elke lijn bewerken door erop te dubbelklikken. Om de lengte van meerdere regels tegelijk te wijzigen, kan je de translatie functie gebruiken.

Variabel raster