Diamonds

⌘K
  1. Home
  2. /
  3. Docs
  4. /
  5. Diamonds
  6. /
  7. Werkomgeving
  8. /
  9. Groepen definiëren
  10. /
  11. Groepen voor het berekene...

Groepen voor het berekenen van de kniklengtes

Beschouw onderstaande structuur. Let vooral op de groene kolom. Om een groep te maken (of te annuleren) voor het berekenen van de kniklengtes:

  • Ga naar de Geometrie configuratie .
  • Zet het lokaal assenstelsel van de staven zichtbaar . De grootte van het lokale assenstelsel en het lettertype kunnen aan de rechterkant in het palet ‘grootte’ worden gewijzigd.
  • Neem een massieve voorstelling .
  • Selecteer ‘knik rond de y’-as’ uit het pallet ‘Toon groepen’.
  • ‘Knik rond de y-as’ van de groene balken betekent dat ze naar links of rechts willen knikken. Aan de linker- en rechterkant van de groene kolom hebben we blauwe balken. De blauwe balken spelen hier dus een rol.
    Als je de blauwe staven voldoende stijf acht om als kniksteun te werken, zijn de groene kolommen discontinu en moeten balk 1 en 2 gedegroepeerd worden .
  • Select the green columns and click on .
  • Als je van mening bent dat de blauwe balken niet stijf genoeg zijn om als kniksteun te werken, zijn de groene kolommen continu en moeten balk 1 en 2 worden gegroepeerd.
    Selecteer de groene kolommen en klik op .
  • Je hebt nu de knikgroepen rond de y’-as gedefinieerd. Doe nu hetzelfde voor knik rond de z’-as. Selecteer ‘Knik rond de z’-as’ in het palet ‘Toon Groepen’.
  • Met behulp van de kurkentrekkerregel langs de z’-as, is de knikrichting van de groene kolommen naar voren of naar achteren. Er is niets dat het knikken in die richting blokkeert, beide kolommen moeten worden gegroepeerd.
    Selecteer de groene kolommen en klik op .
  • Je hebt nu de knikgroepen in beide richtingen voor de groene staaf gedefinieerd.
    Maar om correct te zijn, moet je de groepen voor alle balken/kolommen in het model definiëren, voor beide richtingen!
Waarom zijn deze groepen zo belangrijk bij het berekenen van de kniklengtes?

De knikweerstand van een element is afhankelijk van z’n kniklengte. De kniklengte van een element is afhankelijk van:

  • de systeemlengte
  • de randvoorwaarden aan het begin en einde van het element. Deze randvoorwaarden kunnen opleggingen zijn
    of een aangrenzende structuur .

Aangezien elementen worden “opgedeeld” om een knooppunt te maken in Diamonds, zijn de systeemlengte en bijhorende randvoorwaarden niet eenduidig bepaald. Het is ook mogelijk dat een bepaalde staaf niet in staat is om als kniksteun te fungeren (bijvoorbeeld: het is twijfelachtig of een dun L-profiel kan voorkomen dat een zware HEM knikt).

To explain the principle, consider the green column in the structure above. Assume you want to calculate the buckling length around the y’-axis. Using the corkscrew rule along the y’-axis, the buckling direction of the green columns is to the left or the right.
Om het principe uit te leggen, beschouw je opnieuw de groene kolom in de bovenstaande structuur. Stel dat je de kniklengte rond de y’-as wilt berekenen. Met behulp van de kurkentrekkerregel langs de y’-as is de knikrichting van de groene kolommen naar links of naar rechts.

  • als je staven 1 en 2 als doorlopend beschouwt, is de systeemlengte 2*L.
  • als je staven 1 en 2 als niet doorlopend beschouwt, is de systeemlengte ergens rond L afhankelijk van de stijfheid van de blauwe staven.

Je voelt al dat de grootte van de systeemlengte voor interpretatie vatbaar is… Een interpretatie die software niet kan en zal maken. De oplossing voor deze interpretatie is het definiëren van knikgroepen in Diamonds. Hierdoor worden de systeemlengte en de bijbehorende randvoorwaarden ondubbelzinnig bepaald. Als je dus de kniklengtes berekent zonder eerst de knikgroepen te definiëren, heb je geen idee wat de uitkomst van de kniklengteberekeningen (en de daaruit voortvloeiende eenheidscontrole) zal zijn!